|
Machtigingenbeleid '10
Voor ongeveer 46 product-categorieën (types medicijnen) heeft de overheid nadere voorwaarden gesteld om voor vergoeding in aanmerking te komen. Om te toetsen of aan deze voorwaarden is voldaan kunnen de zorgverzekeraars bepalen dat de arts, indien hij een dergelijk middel voorschrijft, een artsenverklaring bij het recept moet voegen. Vervolgens kan de zorgverzekeraar nog bepalen door wie deze artsenverklaring wordt beoordeeld. Dit kan de zorgverzekeraar zelf zijn maar hij kan het ook aan de apotheek overlaten. Mijnmedicijnvergoeding.nl maakt voor u inzichtelijk hoeveel artsenverklaringen er gevraagd worden en wie er verantwoordelijk is voor de beoordeling hiervan.
Analyse machtigingen receptgeneesmiddelen in 2010
Scanwork heeft de relevante informatie gefilterd uit de Reglementen Farmaceutische Zorg 2010 en vervolgens geanalyseerd. Het gaat dan om de Reglementen Farmaceutische Zorg zoals die op 16 februari 2010 van toepassing waren. De bevindingen van deze analyse treft u aan achter de links onder aan de pagina. Uitsluitend de 46 Bijlage 2 product-categorieën die receptgeneesmiddelen omvatten zijn meegenomen in de analyse. Deze 46 product-categorieën zijn genummerd volgens de Bijlage 2 nummering zoals van toepassing op 16 februari 2010.
Conclusie
De stijging in het totaal aantal artsenverklaringen die we jaarlijks zien, heeft ook dit jaar plaatsgevonden: van 361 in 2009 naar 416* nu. Deze toename wordt dit jaar voornamelijk veroorzaakt doordat de verzekeraars voor twee nieuw aan bijlage 2 toegevoegde middelen (Ustekinab en Romiplostim) allemaal een artsenverklaring vragen.
Vorig jaar bleek dat de in 2007 (in ZN verband) ingezette koers, om de artsenverklaringen te laten beoordelen door de apothekers succesvol is. Ook dit jaar zien we hierin weer een stijging. Het aantal artsenverklaringen dat door de apotheek beoordeeld wordt is gestegen van 93% in 2009 naar een dikke 95% in 2010. Alle verzekeraars blijven gebruik maken van de mogelijkheid om apothekers de artsenverklaring te laten beoordelen.
In 2010 laten de meeste verzekeraars rond de 95% van de artsenverklaringen beoordelen door de apotheek. Alleen Salland zit daar met 86% substantieel onder. Tot slot zijn het dit jaar precies dezelfde verzekeraars als in 2009 die het beoordelen van de artsenverklaring voor 100% door de apotheek laten plaatsvinden. Dit zijn de verzekeraars die onder de UVIT-vlag vallen, Univé, VGZ, IZA en Trias.
ZN-beleid
De minister heeft de zorgverzekeraars verantwoordelijk gemaakt voor de adequate uitvoering van de Zorgverzekeringswet. De minister laat het aan de zorgverzekeraars over hoe er wordt toegezien op naleving van de vergoedingsvoorwaarden voor de middelen van Bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering. Wettelijk heeft de verzekeraar het recht de vergoeding te beperken tot bepaalde (groepen) voorschrijvers en te bepalen voor welke termijn het middel kan worden afgeleverd. Elke zorgverzekeraar mag daarbij zijn eigen beleid voeren.
In de alledaagse praktijk zou dat kunnen leiden tot tal van verschillende toetsingsprocedures bij verschillende zorgverzekeraars.
Het door Zorgverzekeraars Nederland in 2007 ingevoerde beleid lijkt vanaf januari 2009 door de verschillende zorgverzekeraars ter hand te worden genomen. Dit beleid is in 2010 duidelijk door de verzekeraars gehandhaafd. Waar er in de jaren voor 2009 nog duidelijke verschillen te zien waren in de manier waarop verzekeraars met de bijlage 2 geneesmiddelen omgingen, is er nu (net als in 2009) in het gros van de gevallen sprake van éénduidigheid onder de zorgverzekeraars.
Achtergrond
De invoering van de Zorgverzekeringswet heeft het beleid veranderd inzake nadere voorwaarden voor geneesmiddelen. De overheid stelt nu de aanspraken vast (inhoud, omvang en indicatie), maar laat zorgverzekeraars binnen kaders zelf beslissen hoe zij deze invullen. Zonodig kan de zorgverzekeraar in de polis aangeven of een machtiging voor een geneesmiddel geldt en/of additionele voorwaarden opleggen.
Nefarma inventariseert het machtigingenbeleid van zorgverzekeraars ten aanzien van receptgeneesmiddelen op basis van de Reglementen Farmaceutische Zorg 2010. Het doel hiervan is om voor de leden van Nefarma meer transparantie te realiseren in het door zorgverzekeraars gevoerde beleid t.a.v. receptgeneesmiddelen op Bijlage 2. Deze analyse beperkt zich tot het registreren van artsenverklaringen en de partij die deze artsenverklaring beoordeelt. Het stellen van extra voorwaarden, bijvoorbeeld ten aanzien van de voorschrijver, de prescriptieregeling die de maximale aflevertermijn regelt en het gezamenlijke Preferentiebeleid (d.w.z. aanspraken beperken) blijven in deze analyse buiten beschouwing.
Overzicht: Aantal artsenverklaringen per verzekeraar
Overzicht: Beoordeling artsenverklaringen per verzekeraar
|